Schrijvertje spelen

schrijvertje spelen

De Nederlandse letteren worden opgeschud door een jonge garde die zich luid en duidelijk manifesteert – met hippe avondjes, videoclips en oh ja, zo nu en dan een boek. Maar hoe goed zijn die boeken? En is er nog wel plaats voor de oudere schrijver, vroeg ik me af in HP/De Tijd.

Schrijven is hip, een boek is hot. Voor noodlijdende uitgeverijen komt deze hype rond jonge schrijvers als geroepen. Tegelijk brengen de nieuwe ontwikkelingen veel onrust. Uitgevers zijn bang om de next big thing te missen. Daarom jagen ze massaal op onontdekt talent, bieden ze te veel geld voor een gehypt manuscript, brengen ze te veel boeken op de markt. ‘Schieten met hagel’ noemen critici dat. Al die inspanningen moeten vooral snel geld opleveren. Een  debuut dat niet binnen zes weken gaat lopen, verdwijnt onherroepelijk uit de schappen. Welke gevolgen heeft dat voor de Nederlandse literatuur?

FRAGMENT UIT: Schrijvertje spelen

Onder het publiek van het literaire avondje Kalf bevinden zich ook heel wat wannabe schrijvers. Sommigen gaan iedere zaterdag naar de Amsterdamse Schrijversschool of volgen een cursus ‘roman schrijven’.  Zelf volgde ik afgelopen najaar ook zo’n cursus; van de acht deelnemers waren er slechts twee, inclusief mezelf, die daadwerkelijk aan een boek werkten. De rest leek het ‘wel leuk’ om te schrijven.

En daar gaat het mis. Want iedereen die ooit heeft geschreven, weet dat schrijven niet leuk is. Schrijven is verschrikkelijke eenzame arbeid; iedere avond moet je weer die trap op naar je zolderkamer, waar je niets anders wacht dan een bureau, een computer en, hopelijk,  een stel onheilspellende gedachten. Schrijven is één keer in de drie dagen naar buiten, nee, niet naar het café maar naar de supermarkt, waarna je weer naar die verdomde zolderkamer moet.  Schrijven, geloof me, heeft niets met glamour uitstaan.

Schrijver zijn daarentegen is wel leuk. Dan sta je op een podium, word je geïnterviewd, heb je 25.000 volgers op Twitter (James Worthy) en 1.200 vrienden op Facebook (Alma Mathijsen). Dan mag je naar het Boekenbal. Schrijver, dan bén je iemand.